|
|
|
|
|
Hoe werkt het model? De sedimenten die zich op de zeebodem bevinden, bestaan ofwel uit grof zand (het rode en gele materiaal op de kaart) of uit fijn slib (de groene gebieden). Onder de invloed van de wrijving van het water met de zeebodem (bodemspanning) zullen de sedimenten geërodeerd en in suspensie gebracht worden en in de waterkolom terechtkomen. Deze bodemspanning is het gevolg van de waterstromingen, de getijden en de golven. De hoeveelheid geërodeerd materiaal is afhankelijk van de bodemspanning en van het soort sedimenten. Het grove zand bijvoorbeeld zal minder makkelijk geërodeerd worden dan het fijn slib. Sedimenten die in suspensie komen, kunnen dan met de stromingen meegaan. Van zodra de bodemspanning dan opnieuw onder een kritieke waarde zakt, zal het materiaal in suspensie opnieuw neerslaan op de bodem. Deze sedimentering is op zijn beurt afhankelijk van de hoeveelheid sedimenten en de valsnelheid. Het zwaardere zand zal sneller neerslaan dan het lichte slib.
|
Kustvoorspellingen
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
© MUMM | BMM | UGMM 20022012 webmaster@mumm.ac.be De BMM is een departement van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen |